bouwen van onderop

DSC00350

Al eens een aflevering van ‘Droomhuis gezocht’ gezien? Binnen deze reeks op TV gaan potentiële huizenkopers op zoek naar hun ideale droomhuis, om daar een nieuwe start te maken. Dat levert mooie beelden op van prachtige, fantasie prikkelende woonplekken, waarbij je zintuigen werkelijk op scherp komen te staan.

Een dergelijk droomhuis is niet voor iedereen weggelegd, maar er wordt wel wat af gedroomd over de ideale woonomgeving. Binnen de stadswijken is een beweging gaande, waarin gezocht wordt naar alternatieve oplossingen voor problemen die deze ideale leefomgeving in de weg zitten. Ik bemerk een bepaalde overeenkomst tussen de zoektocht naar het droomhuis en het zoeken van de uitweg voor deze wijkvraagstukken.

Elders inspiratie opdoen voor antwoorden op vragen in de eigen wijk verruimen het voorstellingsvermogen  en de inzichten die nodig zijn voor een  nieuw plan, voor nieuwe ideeën en het zien van mogelijkheden. Maar dat betekent niet dat je dat droomhuis ook hoeft te kopen om een nieuwe start te kunnen maken. Je kunt ook je eigen huis bouwen, passend bij je eigen wijk en woonomgeving.

Bouwen van onderop begint bij het in kaart brengen van de behoeften én potenties in de wijk zelf. Want waarom zou je beginnen vanuit een concept dat van buiten komt en van bovenaf? Hoe creëer je dan draagvlak? Een huis heeft in eerste instantie een stevige en solide fundering nodig, die bovendien duurzaam is. Deze fundering haal je uit de al aanwezige behoeften, wensen, kwaliteiten en krachten in de wijk. Die zijn altijd aanwezig, ongeacht de positie van deze wijk in de stad.

De fout die helaas nog vaak gemaakt wordt is dat we het start- en uitgangspunt buiten de eigen omgeving zoeken en de wijk zich daarin mag voegen. Dit kost veel geld. Externe adviseurs, projectleiders, beroepskrachten en ingekochte projecten die misschien niet nodig waren geweest als men eerst de reeds aanwezige mogelijkheden in de woonomgeving had aangesproken. Heb je vervolgens meer expertise nodig of een (deels) ingekocht project, dan kan dat altijd nog. Wijkbewoners die zich moeten voegen in van buitenaf of bovenaf gestuurde initiatieven zullen veel minder motivatie tonen. Bij elk enthousiast en goedbedoeld project dat hierop uiteindelijk stuk loopt neemt keer op keer het vertrouwen van de burger af. En dat van de bedenkers natuurlijk ook.

Dat is zonde van alle energie en ik ben er van overtuigd dat het anders kan. Dit vraagt wel een verandering van mindset en het loslaten van onze behoefte aan controle. Er zal veel tijd besteed moeten worden aan uitwisseling met bewoners en investeren in potentie. Maar wat het oplevert is een nieuwe energie, meer cohesie en onderlinge betrokkenheid. De kans van slagen is hierdoor vele malen groter.

Ik hoop dat de transitie er toe leidt dat de wijkbewoners weer gaan geloven in hun droomhuis en zichzelf als de bouwers gaan zien en de gemeente- en wijkbestuurders het droomhuis dicht bij de bron blijven zoeken.