De geest uit de fles

degeestuitdefles

De inhoud van mijn geopende fles bleek zeer giftig. En niemand anders had deze geopend dan ikzelf, in een fase van mijn leven waar ik mijzelf trachtte te helpen verdwijnen. Dat lukte uiteraard niet, want je kunt jezelf niet laten oplossen als een ballon die leegloopt.

Ik was op een leeftijd dat je normaliter in de bloei van je leven bent, waarop je ontdekkingen doet, je horizon verbreedt, relaties aangaat en een carrière begint. Daar was ik niet mee bezig, daar was mijn hoofd niet mee gevuld. Ik had reeds jaren ervoor de giftige fles geopend van verslaving en vlucht. Ik was er van overtuigd dat ik mijn eigen gedachten en gevoelens niet kon verdragen of dragen en mijn houding ten opzichte van mijzelf was zeer agressief en destructief.

Naast mijn verslaving aan cannabis, alcohol en pillen onderhield ik voor jaren nog een verslaving, die in de jaren 80 meer bekendheid genoot dan tegenwoordig, namelijk het snuiven van oplosmiddelen en lijm. Dat deed ik veelvuldig en langdurig. Naar de effecten op korte termijn is wel onderzoek gedaan; zover ik weet echter niet naar de langere termijneffecten. Uiteindelijk leidde het er toe dat de zogenoemde fles zich opende en de geest ontsnapte.

De kortdurende, prettige hallucinaties die de middelen tot effect hadden groeven zich steeds meer in mijn hersenen en waarnemingen. De plezierige gevoelens, beelden en sensaties die het opleverden groeiden langzaam maar zeker uit tot horrortaferelen en niet te stoppen angstbeelden, stemmen en realiteitsverlies. Ondertussen in de PAAZ beland, werd dit bestreden met antipsychotica, maar dat leek niet veel effect te genereren. Ondertussen rende ik letterlijk voor de demonen van de ene  naar de andere hoek van de ruimte of het bos in. Het was voor mij een zeer religieuze ervaring, bovenaards.

Het is voorbij gegaan. Het was een episode en ik heb nooit meer een psychose gehad. Nu, na jaren van herstel en ontwikkeling kijk ik er op terug met meer inzicht. Ik zal het nooit vergeten. Maar een herhaling vrees ik niet meer. Met het destructieve gebruik heb ik mijn hersenen beschadigd. Deze zijn grotendeels hersteld; hersenen zijn zo flexibel! Maar dat had ook heel anders kunnen eindigen. Achter de psychose lagen wel degelijk trauma’s verborgen: een religieus trauma, een jeugdtrauma en diepe angsten, welke een uitingsvorm hadden gevonden in de psychotische symptomen. De middelen hebben het nog eens versterkt.

Ik ben nu een geheel ander mens, met meer wijsheid en zelfkennis. Daar heb ik hard voor moeten werken en dat doe ik nog steeds. Ik hoop en wens dat er meer kennis en begrip komt voor psychose en dat mogelijke oorzaken goed worden onderzocht. Dat geeft personen die het overkomt weer perspectief en eigen regie. Het is immers uiteindelijk slechts een symptoom. De geest moet in de fles terug en blijven.

Advertenties