Open inloop

d64eae8d-9c89-440d-b3b0-e3c4089a3fb9-original

Een open inloop in een wijkcentrum effectief laten draaien is een vak apart. Dit vraagt om een actieve en creatieve inzet van de deelnemers van het project, de betrokkenen er omheen, de professionele zorg – en welzijnsmedewerkers en de wijkbewoners. Een inactief draaiende inloop bestaat niet, omdat er dan geen sprake kan zijn van enige beweging.

Een inloop voor (O)GGz cliënten in de stad of wijk is niet nieuw; dergelijke initiatieven bestaan al langer. Kenmerkend voor een inloop ‘oude stijl’ is de dagactiviteit die door begeleiders uit de GGZ wordt aangestuurd en bekostigd vanuit de grotere GGz-instellingen in de stad of regio. Of er is slechts sprake van opvang met soep, brood en soms een warme maaltijd, waarbij de cliënten steeds meer gemotiveerd worden tot zelfzorg.  Vaak een plek waar ontmoeting en informatieverstrekking wordt geboden.

De open inloop ‘nieuwe stijl’ is ontstaan vanuit de decentralisatie van zorg en welzijn met daarbij de veranderingen in subsidiëring en voorwaarden die hiervoor gelden. Een inloop mag niet langer ‘passief’ zijn, mensen moeten er geactiveerd worden en aan de bak. Koffie drinken en een bakje soep is prima, maar wederkerigheid is nu meer het uitgangspunt. En dat is helemaal niet zo verkeerd, blijkt uit de praktijk.

Geen dag is hetzelfde bij een open inloop. Dat maakt het voor ervaringswerkers in de wijk heel interessant en leerzaam. Het vraagt veel flexibiliteit en om adhoc reacties. Doordat de doelgroep zich niet beperkt tot wijkbewoners die cliënt zijn van een specifieke organisatie, staat de deur open voor een zeer diverse groep wijkbewoners met een even zo grote diversiteit aan behoeften en wensen, kwaliteiten en talenten, kennis en achtergrond.

Het ene moment ben je een luisterend oor voor iemand met een verhaal, het volgende moment wissel je ideeën uit met een actieve buur in de wijk, dan weer leg je voor iemand contact met een professional die werkzaam is in het wijkcentrum en aan het einde van je dag ben je in overleg met collega’s over een te plannen workshop. En terwijl jij met dit alles bezig bent is in dezelfde ruimte jouw collega ervaringswerker weer met hele andere dingen bezig.

Ondertussen leggen wijkbewoners met elkaar contacten, geven onderling advies en steunen waar nodig de ander die het moeilijk heeft. Want juist daar hoef je vaak heel weinig in te sturen; het is iets wat vanzelf ontstaat in een veilige, open sfeer. Als jij als ervaringsdeskundige samen met de medewerkers van de zorg- en welzijnsinstellingen in het wijkcentrum deze voorwaarde weet te scheppen, dan gebeuren er bijzondere dingen.

Dit vraagt om een intentie en bereidheid tot zeer goede samenwerking en dat is lang niet zo eenvoudig. Je hebt te maken met het gebouw dat beheerd moet worden, er moet een goede catering draaien, de kosten moeten goed verdeeld worden onder organisaties die niet allemaal evenveel geld hebben – dus wat voor ‘ruil’ materiaal zet je dan in?- en essentieel in dit alles is uitstekende communicatie. Want dat het niet altijd soepel loopt is begrijpelijk, maar zonder goede en veilige communicatie kan het pas echt mis gaan. Dat betekent ook dat je een ijzersterke gezamenlijke visie hebt, waarbinnen elkaar de ruimte gegund en erkend wordt die nodig is om optimaal te kunnen bieden.

Een hele uitdaging, maar vooralsnog zeg ik : het is de moeite meer dan waard!

 

Advertenties